Print pagina

Competitie op de werkvloer verklaart ondervertegenwoordiging van vrouwen - TQ©


24 februari 2011

Experimenten
Teamcompositie

Recent onderzoek laat zien dat vrouwen minder snel voor een competitieve omgeving kiezen dan mannen, en soms ook minder goed presteren onder competitie. In een veldexperiment zijn de gevolgen hiervan voor gedrag op de werkvloer onderzocht. Teamsamenstelling blijkt cruciaal. Josse Delfgaauw, universitair docent aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, zette verschillende onderzoeksresultaten op een rijtje. Volgens hem zijn ze een verklaring voor de ondervertegenwoordiging van vrouwen in de top van het bedrijfsleven en de politiek. TQC maakte een samenvatting van zijn publicatie.

Hoewel mannen een grotere competitiedrang hebben, hoeft dit niet te betekenen dat vrouwen relatief slecht presteren onder competitie. De samenstelling van het team speelt daarbij een rol: vrouwen en mannen leveren betere prestaties onder competitie, mits er een match is tussen het geslacht van de manager en het geslacht van een voldoende groot deel van de medewerkers.
De literatuur over prestaties onder competitie is nog te jong om algemene aanbevelingen over de samenstelling van teams te kunnen doen. Voor organisaties die streven naar een meer gemengd personeelsbestand biedt de literatuur wel aanknopingspunten. Het afzwakken van competitie-elementen in carrièrepaden kan de organisatie aantrekkelijker maken voor vrouwen. Dat gaat dan wel ten koste van de vervulling van de competitiedrang van mannelijke werknemers.

Experimenten
Er zijn verschillende veldexperimenten gedaan naar verschillen tussen mannen en vrouwen. Een daarvan liet zien dat mannen veel sterker reageren op competitieve prikkels dan vrouwen. Dit leidde tot significant hogere prestaties voor die mannen, terwijl er bij individuele beloning geen verschil was in prestatie. Dit is ook teruggevonden bij rennende jongens en meisjes van acht jaar oud.
In een ander onderzoek telden deelnemers getallen op gedurende drie maal vijf minuten. Bij beloning op basis van individuele prestaties presteerden mannen en vrouwen even goed. Ook als alleen de beste in een onderlinge competitie tussen vier deelnemers een beloning kreeg, was er geen verschil tussen mannen en vrouwen. Vervolgens moesten ze kiezen tussen individuele prestatiebeloning en beloning op basis van competitie. 73 procent van de mannen en slechts 35 procent van de vrouwen koos voor beloning op basis van competitie. Verschillen in ‘risicoaversiteit’ en overmoed, mannen schatten hun relatieve prestaties gemiddeld hoger in dan vrouwen, verklaren ongeveer de helft van dit verschil. De rest komt voort uit de grotere competitiedrang van mannen, dat overigens al aanwezig is bij jongens van drie jaar oud. Jongetjes kiezen vaker om een wedstrijdje te doen dan meisjes, ook al zijn jongetjes en meisjes op die leeftijd gemiddeld even snel.

In verschillende steden in de VS zijn online vacatures geplaatst voor administratief werk. Geïnteresseerden kregen vervolgens informatie over het loon. Sommigen kregen te horen dat het om een vast uurloon ging, terwijl bij anderen een deel van het uurloon afhankelijk zou zijn van de prestaties ten opzichte van een collega. Uiteindelijk bleken minder vrouwen dan mannen te solliciteren bij een competitief element in de beloning.
Opvallend genoeg verdween dat verschil zodra er sprake was van werken in teams. Het uitzicht op werken in teams op zichzelf leidde niet tot meer of minder sollicitaties.
Top

Teamcompositie
Het is de vraag of verschillen in prestaties onder competitie ook op de werkvloer optreden en in hoeverre de samenstelling van een team daarop van invloed is. Binnen bedrijven spelen teams een steeds grotere rol. Voor de managers van deze teams is het vooral belangrijk om het team goed te laten functioneren.
Bij een experiment onder 120 winkelketens bleek competitie tot betere prestaties te leiden. In vergelijking met de winkels die niet deelnamen aan de competitie, behaalden de winkels in competitie gemiddeld een vijf procentpunt hogere omzetgroei. Opvallend genoeg is het effect van competitie even hoog in winkels waar alleen de eervolle winst op het spel stond als in winkels waar er aan winst ook een financiële prijs verbonden was. Wanneer de winkels met een mannelijke manager en die met een vrouwelijke manager vergeleken worden, dan is er geen verschil in het effect van het experiment: het effect van competitie is in beide categorieën winkels even groot.
Hetzelfde geldt voor het percentage vrouwelijke medewerkers: winkels reageren
niet meer of minder op competitie als er meer vrouwen in de winkel werkzaam
zijn. Toch heeft de samenstelling van het team gevolgen voor prestaties onder
competitie. Het effect van competitie blijkt namelijk afhankelijk te zijn van
de match tussen het geslacht van de manager en de samenstelling van zijn of
haar team. Naarmate er meer vrouwelijke medewerkers zijn, is het effect van de competitie groter. In winkels met een volledig vrouwelijk personeelsbestand heeft competitie een bovengemiddeld effect op omzetgroei. Ook teams met veel vrouwen reageren dus sterk op competitieve prikkels, mits geleid door een vrouw.




Bron: Erasmus Universiteit Rotterdam


Terug