Print pagina

Het Nieuwe Werken is een trend, géén hype - TQ©



26 mei 2010

De uitdaging ligt bij HRM
Managers zijn er nog niet klaar voor

Het Nieuwe Werken (HNW) is een trend in arbeidsorganisaties. Iedereen wil er iets mee, maar wat? Gebruiken organisaties het om een nieuwe generatie medewerkers te lokken? Worden bedrijfsprocessen er beter van? Wat voor competenties hebben die ‘nieuwe werkers’ nodig? Deskundigen zijn het er over eens: HNW is geen hype. De moderne technologie maakt veel mogelijk. Wacht als organisatie niet langer om er zélf ook iets mee te doen. Over vijf jaar weet je niet wat je ziet op de werkvloer.

Het Nieuwe Werken heeft iets van het oude telewerken, het werken-op-afstand, maar het is tegelijkertijd breder. Het heeft te maken met vier aspecten: de IT-faciliteiten, de manieren van huisvesting, de manieren van leidinggeven en een andere organisatie van het werk. De vraag is of er complete taken zijn aan te wijzen die een medewerker op zijn manier op een zelfgekozen plek en tijdstip kan uitvoeren. In elke organisatie vraagt HNW om een eigen vorm. Bijkomende voordelen zijn dat de productiviteit stijgt, mensen makkelijker zijn aan te trekken, er meer flexibiliteit is in de bedrijfsprocessen en het minder kantoorruimte en autokilometers vraagt. Het Nieuwe Werken past helemaal in de 24/7-economie. Sommige organisaties hebben er zelfs een projectmanager voor in huis.

Werken en zakendoen worden steeds meer kennisgedreven en trekken zich minder aan van grenzen tussen organisaties, landen en tijdzones. Er ontstaan meer netwerken tussen organisaties. Managers van de toekomst spelen hierbij op de achtergrond een faciliterende en coachende rol. Neem het voorbeeld van Google. Het hoofdkantoor is 24 uur per dag open. Mensen werken hun veertig uur in de week wanneer zij dat willen. Laat je mensen op hun manier de dingen doen waartoe ze zich gedreven voelen en de output volgt vanzelf.
Top

De uitdaging ligt bij HRM
De vraag is of medewerkers Het Nieuwe Werken omarmen. De een heeft weinig prikkels nodig en vindt het prima om veel alleen te werken met enkel digitale contacten, de ander gedijt beter in een omgeving met fysieke contacten. Voor de kwaliteit van het werk is de start met een kop koffie ’s morgens erg belangrijk, ook voor de kwaliteit van het werk. De binding met collega’s in hetzelfde vakgebied moet je blijven onderhouden door het uitwisselen van ervaringen en informatie.
Het geeft meteen aan welke competenties Het Nieuwe Werken vraagt. Mensen moeten kunnen samenwerken en communiceren en kennis beschikbaar willen stellen. Dat vraagt veranderingen in de bedrijfscultuur. Ze moeten zich open en kwetsbaar durven opstellen en problemen op tafel willen leggen. De uitdaging ligt aan de HRM-kant.
Top

Managers zijn er nog niet klaar voor
Het Nieuwe Werken staat voor tijd- en plaatsonafhankelijk en bovenal zelfstandig werken, met een grote eigen verantwoordelijkheid en de leidinggevende vooral in een dienstverlenende rol. Die nieuwe manier van werken vergt sociale innovatie: slimmer werken, flexibeler organiseren en dynamisch managen, om zo tot een niet-technologische innovatie van de organisatie te komen. Maar het gaat met die sociale innovatie van bedrijven nog niet erg hard, met het management als remmende factor. Het Nieuwe Werken is nodig om bedrijven innovatiever en flexibeler en daarmee competitiever te maken. Onderzoek van de Erasmus Universiteit toont dit keihard aan. Het vergt een verandering van de managers, maar die vinden dat lastig, bang als ze zijn om de controle te verliezen. Ook in Nederland speelt dat, want onze bedrijven zijn weliswaar plat georganiseerd, maar wel degelijk hiërarchisch. Sociale innovatie is voor iedere betrokkene, medewerkers en managers, vooral een attitudeverhaal: de bereidheid te delen met anderen, open te zijn en elkaar te vertrouwen.
Top

Dit bericht is een samenvatting van de artikelen ‘Ronde tafel: kennis délen is macht’ en 'Veel managers nog niet klaar voor Het Nieuwe Werken’, HANblad mei 2010 (magazine Hogeschool van Arnhem en Nijmegen).


Terug