Print pagina

Risicomanagement medische technologie pure noodzaak


Grote kansen, maar risico’s onderschat
Raden van Bestuur moeten visie ontwikkelen en uitvoeren
Enkele voorbeelden

Fouten met medische apparatuur en hulpmiddelen kosten jaarlijks tientallen levens. De media berichten regelmatig over sterfgevallen door slecht gebruik of gebrekkig onderhoud van apparatuur. Dit najaar concludeerde de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) dat zorginstellingen en zorgverleners zich onvoldoende bewust zijn van de risico’s die medische technologie met zich meebrengt (zie Staat van de Gezondheidzorg 2008 - Risico’s van medische technologie onderschat). Zorgverleners gebruiken geavanceerde apparatuur zonder adequate opleiding of bekwaamheidstoets. De afhankelijkheid van apparatuur neemt toe en de voordelen zijn nog niet in balans met de risico’s. Omdat de technologie zo snel verandert en lang niet alle risico’s bekend zijn, is risicomanagement geen luxe, maar pure noodzaak. Niet alleen voor ziekenhuizen, ook voor langdurige zorg en thuiszorg. Voor risicovolle technologieën vindt de inspectie het noodzakelijk om naast een risicoanalyse vooraf een implementatieplan en periodieke evaluaties uit te voeren.
Top

Grote kansen, maar risico’s onderschat
De revolutie in de medische technologie heeft zijn hoogtepunt nog niet bereikt. De verwachtingen zijn hooggespannen over onder meer nieuwe materialen, betere beeldvormende technieken en robotica in de operatiekamer. Uit meldingen en inspectieonderzoek blijkt dat ongetrainde gebruikers een grote risicofactor zijn. Dit kunnen zowel medisch specialisten zijn als verpleegkundigen, verzorgenden of personeel dat betrokken is bij onderhoud van apparatuur. Gerrit van der Wal, Inspecteur-generaal voor de Gezondheidzorg: “De gezondheidszorg wordt beter door de toepassing van nieuwe medische technologie, maar is daar steeds afhankelijker van. De technologische ontwikkelingen gaan razendsnel. De kansen en risico’s zijn nog niet met elkaar in balans. Dat manifesteert zich vooral in de zorg, waar de risico’s op schade voor patiënten groot zijn. De gezondheidszorg moet zich bewust zijn van de risico’s en moet daarop inspelen. Patiënten moeten erop kunnen vertrouwen dat alle nieuwe technologieën in de zorg op een veilige manier worden toegepast.“
Volgens Gerrit van der Wal kent het proces van aankoop en implementatie van nieuwe technologie een aantal zwakke plekken die verantwoorde zorg kunnen belemmeren. Allereerst is lang niet altijd duidelijk welke bijdrage een technologie moet leveren aan de zorg voor patiënten. Daardoor kan in de evaluatie ook niet blijken of de technologie voldoet. Ernstiger is dat vooraf niet systematisch in kaart wordt gebracht welke risico’s verbonden zijn aan toepassing van de technologie (als hij werkt, maar ook als hij onverhoopt uitvalt). Instellingen kunnen op basis van een risicoanalyse maatregelen treffen om risico’s te voorkomen of te beheersen – of een weloverwogen besluit nemen om apparatuur niet aan te schaffen.
Top

Raden van Bestuur moeten visie ontwikkelen en uitvoeren
De IGZ adviseert de minister van Volksgezondheid nieuwe opleidingseisen te stellen aan het gebruik van nieuwe technologieën. Een wettelijk vereiste BIG-registratie alleen acht de IGZ niet meer voldoende om nieuwe risicovolle technische apparaten en hulpmiddelen te mogen gebruiken.
De IGZ vindt dat de Raden van Bestuur van zorginstellingen leiding moeten geven aan het proces van verantwoorde aanschaf, introductie, gebruik en onderhoud van medisch technologische hulpmiddelen. De IGZ wijst met klem op de  hulpmiddelen met hoge risico's en grootschalig gebruikt worden.
De Raden van Bestuur moeten:
• Een visie ontwikkelen op de te leveren zorg voorafgaand aan de aanschaf van een nieuwe technologie
• Een risicoanalyse maken voorafgaand aan aanschaf
• Bekwaamheidseisen invoeren en periodiek evalueren
• Voorafgaand aan de in gebruikneming moet er sprake zijn van technische vrijgifte, validatie van de beoogde werkingen en controle op zorgvuldige inbedding in de organisatie.

Met andere woorden: de Raad van Bestuur van een instelling is er voor verantwoordelijk dat risicovolle medische technologie wordt toegepast door aantoonbaar bekwame zorgverleners. De Raad moet ook systematisch controleren of medewerkers deskundig zijn en of ze trainingen met goed gevolg hebben afgelegd. Wetenschappelijke verenigingen, beroeps- en brancheorganisaties zijn verantwoordelijk voor het ontwikkelen van veldnormen, bekwaamheidseisen en opleidingsmogelijkheden.
Top

Enkele voorbeelden
De medische technologie waarover wordt gesproken in het rapport is divers: van infuuspompen en tilliften tot domotica. Maar ook relatief nieuwe technieken zoals endoscopie en laparoscopie (kijkoperaties). Domotica staat voor elektronische communicatie tussen allerlei elektrische toepassingen in de woning en woonomgeving ten behoeve van bewoners en zorgverlener. Het maakt zorgtaken, communicatie, ontspanning en andere huiselijke bezigheden zowel intramuraal als extramuraal makkelijker.
Enkele voorbeelden:

  • Bij infusieapparatuur wordt vaak gedacht dat elke verpleegkundige er veilig mee kan werken. Uit onderzoek van de IGZ en meldingen die zijn binnengekomen, blijkt dat niet het geval. Een kleine reken- of instellingsfout kan leiden tot een onder- of overdosering waardoor ernstige schade voor de patiënten kan ontstaan.
  • Door schaalverkleining in de zorg en de verplaatsing van zorg naar de thuissituatie ontstaan nieuw risico’s. Verpleegkundigen doen minder ervaring op en kunnen minder snel terugvallen op ervaren collega’s. Uit de thuiszorg krijgt de IGZ geen incidentmeldingen en dat is zorgelijk.
  • ‘Simpele’ technologieën als tilliften en Zweedse banden kunnen bij onbekwaam gebruik of slecht onderhoud grote risico’s opleveren. Jaarlijks overlijden er nog steeds mensen door toepassingsfouten. Onlangs maakte de IGZ bekend dat er sinds 2005 14 mensen overleden door verkeerd gebruik van de Zweedse band.
  • Eerder dit jaar publiceerde de IGZ het rapport over minimaal invasieve chirurgie (kijkoperaties). De patiënt wordt via kijkbuisjes en een monitor geopereerd. Dit vereist veel oefening en praktijkervaring, kennis van de apparatuur en risico-inschatting. Deze elementen zijn vaak nog afwezig bij de operateur. In de experimentele fase zijn de risico’s nog gering. Als het eenmaal breder wordt toegepast, constateert de IGZ aantoonbaar meer sterfgevallen.
    Top

Bron: Inspectie voor de Gezondheidszorg


Terug