Print pagina

Minachting en hoogmoed basis van slecht leiderschap


15 oktober 2015

Zelfoverschatting en minachting voor anderen blijken belangrijke oorzaken te zijn van onethisch gedrag door leidinggevenden, zoals liegen, uitschelden, en bekritiseren en kleineren in het openbaar. In plaats van rationele overwegingen, blijken emoties een belangrijkere rol te spelen dan gedacht. Dat blijkt uit promotieonderzoek van psychologe Stacey Sanders (Rijksuniversiteit Groningen).

Ongeveer één op de negen werknemers in Nederland heeft een baas die zich schuldig maakt aan onbehoorlijk gedrag tegenover het personeel. De financiële kosten die hieruit voortvloeien, bijvoorbeeld ten gevolge van ziekteverzuim van werknemers, zijn enorm. In de VS gaat het bijvoorbeeld om meer dan 20 miljard dollar per jaar. ‘Ik vond het daarom belangrijk om uit te zoeken welke factoren dat gedrag veroorzaken. Ik ben vooral geïnteresseerd in emotionele factoren, omdat emoties een veel grotere rol spelen in gedrag van mensen dan voorheen werd aangenomen,’ zegt Sanders. Zij deed experimenten onder studenten en veldonderzoek bij verschillende organisaties.

Hoogmoedige trots en minachting
Een zo’n factor is ‘hoogmoedige trots’ die, anders dan ‘authentieke trots’ niet gebaseerd is op werkelijke prestaties maar op bluf en arrogantie. Authentiek trotse leiders blijken zich ethischer op te stellen jegens hun medewerkers dan hoogmoedig trotse leiders, met name wanneer hun identiteit als moreel persoon sterk is. ‘Als het zelfbeeld van leiders als moreel persoon geactiveerd is, dan vermindert dat onethisch gedrag‘ zegt Sanders. Ze stelde vast dat minachting voor personeel daar tegenin werkt: ‘Hoe meer leidinggevenden gevoelens van minachting ervaren jegens hun personeel, des te meer zij geneigd zijn om zich onbehoorlijk te gedragen tegenover het personeel.’

Pittige saus
Ook blijkt dat ondergeschikten met een baas die het niet zo nauw neemt met de behandeling van het personeel zelf ook afwijkend gedrag gaan vertonen. Bijvoorbeeld door hun chef terug te pakken. Sanders koos daarvoor een opmerkelijk experiment onder studenten: ‘De deelnemers mochten bepalen hoeveel (pijnlijk) pittige saus hun leidinggevende in het experiment zou moeten consumeren. Een onethisch leidinggevende werd veel meer pittige saus voorgeschreven dan een ethisch leidinggevende. Zij vonden dat ze zich niet schuldig hoefden te voelen over het terugpakken van deze onethische leidinggevende met pittige saus.

Bron: Rijksuniversiteit Groningen


Terug