Print pagina

Thuiszorg te bureaucratisch


Steeds minder professioneel
Steeds meer productiegericht

In vergelijking met de ons omringende landen is de bureaucratie in de Nederlandse thuiszorg ver doorgeschoten. Wijkverpleegkundigen rennen van de ene naar de andere patiënt, moeten iedere minuut registeren, waardoor het zetten van de handtekening door de patiënt soms langer duurt dan het verlenen van de zorg. En dat heeft een aantal negatieve gevolgen. Medewerkers van thuiszorg zijn daardoor zo’n 30 procent van hun tijd kwijt aan administratieve handelingen. In België beslaan deze handelingen slechts 10 procent van de werktijd, in Denemarken nog een stuk minder. Dit blijkt uit het proefschrift van Hannerieke van der Boom. Zij promoveerde 25 juni jl. aan de Universiteit Maastricht op de verschillende patronen van professionele en informele zorgverlening aan ouderen in Denemarken, Frankrijk, Nederland en Duitsland en de wijze waarop deze landen reageren op de veranderende vraag naar ouderenzorg.

Steeds minder professioneel
Van der Boom neemt als voorbeeld de indicatiestelling die vroeger door de verpleegkundige thuis werd gedaan, maar nu door het CIZ (Centrum Indicatiestelling Zorg). De wijkverpleging valt nog steeds onder de AWBZ (Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten), maar de gezinszorg is nu overgegaan naar de WMO (Wet Maatschappelijke Ondersteuning), waarbij de (her)indicatie door gemeenten soms zelfs via de telefoon wordt gedaan, zonder thuis bij de cliënt de situatie te beoordelen. Ouderen betaalden eerst tien tot vijftien gulden per jaar bij in de vorm van een lidmaatschap van een lokale Kruisorganisatie. Nu is dat tien tot vijftien euro per uur. “Dat verhoogt de drempel om een beroep te doen op zorg, waardoor het beroep op mantelzorgers groeit. Er zijn in Nederland cursussen om mantelzorgers te professionaliseren, omdat de echte professionals steeds minder taken mogen of kunnen uitvoeren. Dat zou in Denemarken ondenkbaar zijn.” Aldus Van der Boom. Al deze ontwikkelingen maken het beroep van wijkverpleegkundige ook minder aantrekkelijk. “Er is hier sprake van deprofessionalisering van de zorg.
Top

Steeds meer productiegericht
“Het meest zorgelijk in mijn ogen is dat de thuiszorg als ‘product’ gezien wordt, dat je vergelijkbaar met een pak suiker kunt kopen of niet. Ook het argument dat thuiszorg goedkoper is dan het ziekenhuis of verpleeghuis wordt nauwelijks meer genoemd. De drijfveer van de overheid is vooral kostenbesparing geworden. De marktgerichtheid heeft echter nadelen en onrust tot gevolg. Maar als ik iets kon adviseren op het gebied van beleid rond wijkverpleging in Nederland, zou ik in ieder geval de indicatie weer door de wijkverpleegkundigen of thuiszorginstellingen laten doen. De diagnose van de hulpvraag en signalering van eventuele verslechtering van de situatie van de cliënt zijn namelijk belangrijke aspecten van het beroep wijkverpleging. Dat maakt het werk leuker, de zorg beter toegesneden op de vraag en de lijnen korter, dus minder bureaucratie.” Bureaucratie die volgens de promovenda ook voortkomt uit onze cultuur. “Protocollering is goed, want het maakt inzichtelijk wat wordt gedaan. Een verpleegkundige kan nu eenmaal niet drie uur bij iemand blijven hangen. Maar nu is het doorgeslagen. En de vele aanpassingen de laatste jaren van het zorgsysteem in Nederland hebben voor veel onrust gezorgd.”

Het proefschrift van Hannerieke van der Boom is niet beschikbaar op internet, maar we hebben voor u een interessant achtergrondartikel gevonden: Caring for frail elderly and chronically ill people: the triad of home nursing, home help and family care in Denmark, the Netherlands and France.
Top

Bron: Research Magazine (Universiteit Maastricht)


Terug