Print pagina

Pas op met narcisme bij topbestuurders


15 augustus 2011

Narcisme bij een topbestuurder is noodzakelijk en goed voor een bedrijf, maar een overdosis kan destructieve gevolgen hebben. Narcisme is verslavend en kan averechts werken op het financiële bedrijfsresultaat. Fraude komt vaker voor bij hoog narcistische bestuurders. Bovendien hebben zulke topbestuurders minder tegenspraak van andere bestuursleden. Dat stelt Antoinette Rijsenbilt in haar proefschrift 'CEO Narcisme: Meting en Impact', waarop zij promoveerde aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Rijsenbilt ontwikkelde vijftien indicatoren waarmee narcisme bij topbestuurders gemeten kan worden en beveelt aan een dergelijke meting in de corporate governance code op te nemen.

Indicatoren
Rijsenbilt onderzocht de invloed van de Chief Executive Officer (CEO) op de interne organisatie en het bedrijfsresultaat. Een belangrijke indicator voor deze invloed is de mate van narcisme, een persoonlijkheidskenmerk die door de zucht naar macht en erkenning grote invloed kan hebben op het bedrijfsresultaat. Rijsenbilt stelt dat een zekere mate van narcisme een essentiële voorwaarde is voor effectief leiderschap van topbestuurders, maar dat te veel narcisme leidt tot zelfzucht en negatieve gevolgen heeft op de bedrijfsomzet.
Rijsenbilt stelt voor een ‘narcismemeting’ onderdeel te maken van corporate governance codes. Zorgvuldig toezicht op dit persoonlijkheidskenmerk is belangrijk. De promovendus raadt toezichthouders aan onmiddellijk in te grijpen als de CEO steeds meer narcisme laat zien. 
Rijsenbilt heeft daartoe vijftien objectieve en observeerbare indicatoren vastgesteld. Daarmee kan narcisme bij topbestuurders voor het eerst op grote schaal worden gemeten en in de gaten worden gehouden. De indicatoren zijn ontleend aan officiële publicaties van beursgenoteerde Amerikaanse bedrijven over een periode van 1992 tot en met 2008. De indicatoren hebben onder meer betrekking op de hoogte van de beloning, acquisitiegedrag, publiciteitszucht, de grootte van de foto van de CEO in het jaarverslag van de onderneming en het privégebruik van het bedrijfsvliegtuig.
Top

Bron: Erasmus Universiteit Rotterdam


Terug